Sjablonen

Opbouwen kunt u bewaren als sjablonen, die u vervolgens als uitgangspunt voor nieuwe documenten kunt gebruiken. Sjablonen bevatten alle informatie over een opbouw, inclusief de inhoud, de stijlen en de documentvoorkeuren.
Een opbouw bewaren als een sjabloon
  • Kies Archief ‣ Bewaar als....
  • Kies OmniOutliner 3-sjabloon in het venstermenu Structuur.
Om een nieuwe opbouw te maken op basis van een sjabloon, opent u de sjabloon op de gebruikelijke manier. Er wordt dan een nieuwe, naamloze kopie van de sjabloon geopend die u kunt wijzigen. De oorspronkelijke sjabloon blijft ongewijzigd.
Het programma bevat ook een standaardsjabloon voor nieuwe documenten. Deze sjabloon wordt automatisch gebruikt voor nieuwe opbouwen die niet expliciet worden gebaseerd op een bewaarde sjabloon. Als u voor elke opbouw altijd bepaalde stijlen of documentinstellingen wilt gebruiken, kunt u deze vastleggen in de standaardsjabloon, zodat elke nieuwe opbouw deze elementen bevat. De standaardsjabloon instellen
  • Kies Voorkeuren... in het menu OmniOutliner.
  • Klik in het venster met algemene voorkeuren op de knop Wijzig nieuwe documentsjabloon. De standaardopbouwsjabloon wordt geopend.
  • Wijzig de structuur, stijlen en instellingen van de opbouw om aan te geven welke elementen nieuwe documenten altijd moeten bevatten.
  • Kies Archief ‣ Bewaar. Alle nieuwe documenten die u vervolgens aanmaakt zonder een specifieke sjabloon te kiezen, worden gebaseerd op deze standaardsjabloon.
In OmniOutliner Professional kunt u het commando Bewaar als sjabloon... kiezen in het menu Archief. Hiermee kunt u de opbouw bewaren op een speciale locatie in de map Bibliotheek. U kunt sjablonen op elke gewenste locatie bewaren. Als u een sjabloon echter bewaart in deze map (~/Bibliotheek/Application Support/The Omni Group/OmniOutliner/Templates/), is de sjabloon beschikbaar via het commando Archief ‣ Nieuw van sjabloon van OmniOutliner Professional.